Het laatste nieuws

Huisartsen schrijven vaker sterke pijnstillers voor

Huisartsen schreven in 2015 zes keer meer sterke pijnstillers (opioïden) voor dan 10 jaar geleden. Dit is een stijging van 4 naar 24 per 1.000 patiënt…

lees verder

Items filtered by date: december 2016

Nieuwe methodiek - meer besparen op zorgkosten mogelijk

Een andere methodiek voor het vergelijken van zorgverzekeringen biedt meer voordeel en transparantie voor consumenten.

Kieszorg laat in rekenvoorbeelden (video’s) zien dat er substantiële besparingen mogelijk zijn door een andere vergelijkingsmethodiek. Besparingen van  boven de 1000 euro zijn geen uitzondering.

Door deze vergelijkingsmethodiek, waarbij ook wordt doorgerekend of zelf betalen voordeliger kan zijn, is meer besparing mogelijk in de persoonlijke zorgkosten.

Zeker als het gaat om een beperkt aantal behandelingen, of als sprake is van combinaties van meerdere extra dekkingswensen, kan het voordeliger zijn om niet alles te willen verzekeren, maar zelf een stuk verwachte kosten voor eigen rekening te nemen.

Met name voor de grote groep Nederlanders die zorg consumeren is deze methodiek van belang. En ook al heb je een duur en uitgebreid pakket, de voorbeelden tonen aan dat dat nog geen zekerheid is dat je bij de juiste verzekeraar zit. De persoonlijke situatie kan veranderd zijn en/of de polisvoorwaarden kunnen wijzigen. Een jaarlijkse controle is dan ook geen overbodige luxe en kan veel geld besparen.

Meer voordeel en transparantie voor de consument

Deze manier van vergelijken biedt meer transparantie en per saldo aanzienlijk meer voordeel. De consument krijgt een beter beeld van de totale kosten (premie + niet verzekerde kosten) én wat bespaard kan worden bij een eventuele overstap.  Voor meer informatie zie www.kieszorg.nl

 

Nieuw onderzoek naar optimale dosis reumamedicijn rituximab

De Sint Maartenskliniek en het Radboudumc starten een onderzoek naar de beste dosering van rituximab, een biologische medicatie tegen reumatoïde artritis. Op basis van uitkomsten van eerder onderzoek is het mogelijk dat patiënten even goed reageren op een lagere dosering. Dit geeft minder bijwerkingen voor patiënten en brengt ook aanzienlijke kostenbesparingen met zich mee. Het onderzoek duurt naar verwachting twee jaar en kost ongeveer driehonderdduizend euro. Dat wordt betaald door zorgverzekeraars CZ en Menzis.

In Nederland lijden ongeveer 65.000 patiënten aan reumatoïde artritis (RA). RA-patiënten hebben chronische ontstekingen van meerdere gewrichten. De ontsteking komt vooral voor in de kleine gewrichten van handen en voorvoeten en leidt tot pijnklachten, minder functioneren, schade aan gewrichten en lagere kwaliteit van leven. Rituximab behoort tot de groep biologische reumamedicijnen die voor veel patiënten vaak effectief zijn, maar in de standaard voorgeschreven dosis ook kans op bijwerkingen en hoge kosten met zich meebrengen. In de afgelopen jaren zijn een viertal kleine studies naar rituximab gepubliceerd die lieten zien dat een lagere dosering ook net zo goed zou kunnen werken. Het medicijn is echter nog niet eerder onderdeel geweest van een gericht onderzoek naar dosisoptimalisatie bij RA-patiënten.

Eerder onderzoek van de Sint Maartenskliniek naar andere biologische reumamedicatie, wees uit dat een grote groep patiënten met een lagere dosis toe kan. Een deel van de patiënten bleek helemaal zonder de medicijnen te kunnen, met dezelfde goede behandelresultaten als voorheen. Dankzij een lagere dosering hoeven de patiënten minder prikken te krijgen en op termijn zullen ze minder last krijgen van bijwerkingen. Bij het afbouwen van deze medicijnen is het van belang dat patiënten regelmatig langskomen bij de reumatoloog, zodat deze goed kan controleren dat de ziekte niet verergert.

Het nieuwe onderzoek is specifiek gericht op het bepalen van de optimale dosis van het middel rituximab voor RA-patiënten. Daarvoor willen de Sint Maartenskliniek en het Radboudumc onderzoek doen onder 140 patiënten die het middel al gebruiken. Op basis van de uitkomsten van eerder onderzoek, is het kansrijk dat patiënten even goed zullen reageren op een lagere dosering rituximab.

Landelijk gebruiken ongeveer 2.000 RA-patiënten rituximab. Als blijkt dat de dosis rituximab op een vergelijkbare manier kan worden teruggebracht, met dezelfde goede behandelresultaten als andere biologische reumamedicijnen, dan kan het bij een landelijke invoering een mogelijke besparing van ruim 6 miljoen euro opleveren.

Het onderzoek zal naar verwachting twee jaar duren en kost ongeveer driehonderdduizend euro. Dit wordt betaald door zorgverzekeraars CZ en Menzis, met wie de Sint Maartenskliniek ook meerjarenovereenkomsten heeft afgesloten. Mocht het onderzoek naar dosisoptimalisatie van rituximab voor RA-patiënten uitwijzen dat een lagere dosis even effectief is, zal vervolgonderzoek nodig zijn voor het eventueel aanpassen van de behandeling.

Bron Radboudumc

Geen resten medicijnen door de gootsteen!

Ongebruikte vloeibare geneesmiddelen, zoals lidocaïne, worden door de gootsteen gespoeld en komen terecht in het oppervlaktewater. Dat blijkt uit onderzoek van het RIVM. Om de gevolgen voor milieu beperkt te houden, wordt apothekers gevraagd om zorgprofessionals en patiënten een waarschuwing te geven bij de uitgifte van deze risicogeneesmiddelen, om restanten niet door te spoelen.

Lidocaïne is een van de geneesmiddelen die in oppervlaktewater zijn aangetroffen. Het advies aan de patiënt luidt om bij gebruik van de lidocaïnecrème de restanten niet door de gootsteen te spoelen. Wanneer de resten op de handen zitten, luidt het advies om de huid met tissues schoon te maken. Voor lidocaïne injectievloeistof geldt dat restanten in een afvalpotje moeten dat bij het geneesmiddel- of restafval gaat.

Ook bij andere middelen die op de huid worden gesmeerd, waaronder diclofenacgel, luidt het advies aan de patiënt om de overtollige gel met een tissue af te nemen en niet weg te spoelen onder de douche.

140 ton geneesmiddelen(resten)
Naar schatting wordt in Nederland 140 ton geneesmiddelen(resten) via rioolwaterzuivering in het oppervlaktewater geloosd. Diverse partijen, waaronder het RIVM, de KNMP, het NHG en de ministeries van IenM en VWS werken daarom momenteel aan een ‘ketenaanpak geneesmiddelen uit water’.

Bron KNMP

Afschaffen formulier ‘medische noodzaak’ niet van invloed op voorschrijven

Het afschaffen van het formulier ‘medische noodzaak’ heeft geen invloed op het voorschrijven van merkgeneesmiddelen. Dit meldt het NIVEL over het door dit instituut uitgevoerde onderzoek.

Tot 2016 moesten huisartsen het formulier “Medische Noodzaak” invullen als zij een merkgeneesmiddel voorschreven waarvan ook generieke varianten beschikbaar waren. Dit deden zij om te zorgen dat patiënten dit merkgeneesmiddel vergoed kregen van de zorgverzekeraar. Generieke middelen hebben dezelfde werkzame stof en zijn vaak goedkoper dan het merkmiddel.

Zorgverzekeraars vergoeden vaak alleen de goedkoopste generieke variant van een geneesmiddel, behalve als de huisarts vindt dat de patiënt om medische redenen het merkgeneesmiddel nodig heeft. Een voorbeeld is als de patiënt intolerant is voor een generieke variant. Het formulier diende als hulpmiddel voor zorgverleners om te bepalen of er daadwerkelijk sprake was van medische noodzaak. Sinds 1 januari schrijft de huisarts uitsluitend nog Medische Noodzaak op het recept, maar vult geen formulier meer in. Hierdoor hoeven huisartsen minder tijd te besteden aan hun administratie. De patiënt krijgt het merkgeneesmiddel dan toch vergoed.

Het NIVEL onderzocht of de afschaffing van het formulier “Medische Noodzaak” leidde tot het vaker voorschrijven van merkgeneesmiddelen. NIVEL-onderzoeker Karin Hek: “We zien geen enkel verschil tussen 2015 en de eerste maanden van 2016 in het voorschrijven van merkgeneesmiddelen. Huisartsen hebben hun voorschrijfgedrag dus niet veranderd.” De onderzoekers bekeken dit voor een maagzuurremmer, een cholesterolverlager en twee bloeddrukverlagers. Voor deze middelen wordt in meer dan 95% van de recepten een generiek middel wordt voorgeschreven. Ook keken zij naar ADHD-medicatie. Deze werd begin 2015 in ongeveer 30% van de recepten als spécialité voorgeschreven. In 2015 nam dit al af en deze afname zette begin 2016 door tot 25%. Het afschaffen van het formulier “Medische Noodzaak” heeft hier geen invloed op gehad. Hek: “Het verlichten van de administratieve lasten voor huisartsen heeft niet geleid tot veranderingen in de geleverde zorg. De analyses zijn wel kort na de verandering in het beleid uitgevoerd. Op de lange termijn kan nog wel een verandering plaatsvinden”.

Bron Nefarma