Het laatste nieuws

Huisartsen schrijven vaker sterke pijnstillers voor

Huisartsen schreven in 2015 zes keer meer sterke pijnstillers (opioïden) voor dan 10 jaar geleden. Dit is een stijging van 4 naar 24 per 1.000 patiënt…

lees verder

Items filtered by date: november 2016

Korter voorschrijven medicijnen voorkomt verspilling

Patiënten krijgen de medicijnen die ze voor het eerst gebruiken voortaan voor maximaal 15 dagen mee. Er wordt eerst gekeken of het middel goed werkt, voordat apothekers middelen voor een langere periode meegeven. Als medicijnen meer kosten dan € 1.000,- per maand, worden de eerste 6 maanden niet voor langer dan 1 maand medicijnen meegegeven. En in het geval van intensieve zorg thuis, bijvoorbeeld in de laatste fase van iemands leven, bepaalt de patiënt (of zijn naasten) met de betrokken zorgverleners welke medicijnen nodig zijn. En welke niet. Maatwerk is daarbij het uitgangspunt.

Met deze afspraken binden patiënten, artsen, apothekers, verpleegkundigen en zorgverzekeraars samen de strijd aan tegen de verspilling van medicijnen. Negen verschillende organisaties hebben hun handtekening gezet onder het ‘Akkoord Afspraken prescriptieregeling’. Minister Edith Schippers: ‘Het is zonde als medicijnen ongebruikt weggegooid moeten worden, zeker als dat door slimmer voorschrijven voorkomen kan worden. Ik ben blij met deze mooie stap.’

Afgelopen zomer heeft de Stichting Farmaceutische Kerngetallen (SFK) een nulmeting gedaan. Daaruit bleek dat medicijnen bij eerste uitgifte nu nog in meer dan 20% van de gevallen voor meer dan 15 dagen worden meegegeven. In 2017 wordt de meting opnieuw uitgevoerd om te kijken wat de effecten van het akkoord zijn.

Het akkoord is een direct gevolg van het Meldpunt Verspilling dat minister Edith Schippers (Volksgezondheid) heeft ingesteld. Bij dit meldpunt zijn meer dan 22.500 meldingen binnengekomen. Veel van deze meldingen zijn afkomstig van mensen die medicijnen overhouden doordat deze voor te lange tijd worden voorgeschreven.

‘Artsen moeten eerst kijken of een medicijn aanslaat bij een patiënt, dus moeten ze niet 30 stuks voorschrijven. Bij mijn broer waren vaak medicatiewisselingen en hij had dozen van medicatie thuis die hij niet meer hoefde te gebruiken. Zonde voor de verspilling,’ schreef één van de melders.

Het akkoord is ondertekend door: Patiëntenfederatie Nederland, Federatie Medisch Specialisten (FMS), Vrijwillige Palliatieve Terminale Zorg Nederland (VPTZ), Zorgverzekeraars Nederland (ZN), Landelijke Huisartsen Vereniging (LHV), Koninklijke Nederlandse Maatschappij ter bevordering der Pharmacie (KNMP), Verpleegkundigen & Verzorgenden Nederland (VenVN), Nederlands Huisartsen Genootschap (NHG) en Nederlandse Vereniging van ZiekenhuisApothekers (NVZA).

Bron Rijksoverheid

 

Besparing op medicijngebruik diabetes type 2 door gezonde leefstijl

Uit onderzoek van TNO, Leids UMC en VGZ Zorgverzekeraar blijkt dat een groot deel van de mensen met de zogenaamde welvaartsziekte diabetes type 2 kan genezen door gezonder te gaan eten en meer te gaan bewegen.

Doordat deze patiënten dan minder medicijnen en insuline nodig hebben kan er fors worden bespaard.

In de basisverzekering zit vergoeding voor 3 uur dieetadvies per jaar. Dit staat gemiddeld voor zo’n 6 tot 8 consulten. Daarnaast heeft bv. VGZ vanaf januari 2017 vergoeding van speciale zorgprogramma’s voor begeleiding van diabetespatiënten.

Redactie

Vitaminen uit basispakket is onverantwoord stelt KNMP

Wanneer vitaminen en mineralen uit het basispakket gaan, geeft dat onnodige bijwerkingen en gezondheidsschade bij vooral oudere en chronische patiënten. Dat stelt de apothekersorganisatie KNMP in reactie op de discussie in de Tweede Kamer over het conceptadvies van Zorginstituut Nederland (ZINL). ZINL stelt voor om diverse receptplichtige vitaminen, mineralen en ook paracetamol van 1000 mg niet langer op te nemen in het geneesmiddelenvergoedingssysteem (GVS). De KNMP wil hierover in overleg treden met ZINL. 

De apothekersorganisatie heeft de volgende bezwaren tegen dit conceptadvies van ZINL: 

  • Het gaat om middelen die bewezen effectief zijn en opgenomen in richtlijnen van huisartsen en medisch specialisten. Artsen schrijven ze voor aan chronische patiënten met aandoeningen als nierfalen en reuma. Het uit het pakket halen van deze middelen leidt bij deze patiënten tot een stapeling van kosten bovenop het eigen risico. Vooral ouderen worden benadeeld. Meer dan de helft van de 1,7 miljoen gebruikers is 65-plus, en 44 procent is 75 of ouder.
  • Sommige van de bewuste middelen kunnen, bij hoge doseringen of langdurig gebruik, serieuze wisselwerkingen of ernstige bijwerkingen geven. Het is van belang dat de apotheker bij deze middelen medicatiebewaking uitvoert. Als de patiënt buiten het zicht van de arts en de apotheker middelen betrekt, ontbreekt elke controle hierop. Bovendien betreft dit in veel gevallen patiënten die hun geneesmiddelen in weekdosering (Baxter of medicatierol) krijgen, omdat zij anders hun geneesmiddelengebruik niet zelfstandig kunnen managen. Als deze patiënten de middelen buiten de apotheek betrekken is dat funest voor de therapietrouw en het goed gebruik bij deze groep.
  • Vitaminen en mineralen zijn goedkope preventieve middelen. Als de middelen niet trouw gebruikt worden, kan dit ernstige effecten hebben, zoals botbreuken door botontkalking. De gevolgen voor de patiënt en de kosten voor de maatschappij zijn dan vele malen nadeliger. We hebben gezien dat het preventief gebruik van maagzuurremmers zorgwekkend afnam toen deze niet altijd meer werden vergoed.
  • Het argument dat deze middelen goedkoop zijn en dat de patiënt ze dus zelf kan aanschaffen, vindt de KNMP een gevaarlijke stellingname. Allereerst staat de prijs van het middel los van de zorgvuldigheid waarmee je met deze receptplichtige middelen moet omgaan. Daarbij geldt dat driekwart van alle voorgeschreven geneesmiddelen in Nederland circa 2 euro per maand kost. Dat is geen reden ze uit het pakket te schrappen en de patiënt de noodzakelijke begeleiding en medicatiebewaking door arts en apotheker te ontzeggen.
  • ZINL ontregelt met dit advies het huidige systeem, waarbij de apotheker ongeacht de prijs van het geneesmiddel een vaste met de verzekeraar overeengekomen receptregelvergoeding krijgt. Door goedkope middelen uit het GVS te halen, verzwakt dit het fundament onder het huidige systeem en zou de receptregelvergoeding bij duurdere geneesmiddelen omhoog moeten. Het verstoort bovendien het proces van de reeds gemaakte afspraken met verzekeraars.

Directeur Léon Tinke van de KNMP: ‘We dringen erop aan dat het Zorginstituut dit conceptadvies heroverweegt. Wat lijkt op een bezuiniging zal in deze vorm juist tot extra kosten leiden. De patiënt is gebaat bij een deskundig en verstandig gebruik van dit soort middelen. De apotheker kan hem daarin begeleiden.’

Bron : KNMP persbericht

Vergoeding speciaal voor u gemaakte medicijnen 2017 bekend

De zorgverzekeraars hebben bekend gemaakt welke apotheekbereidingen zij vanaf 1 januari 2017 vergoeden en welke niet. Ten opzichte van 2016 is de vergoeding van 80 bereidingen veranderd.

Apotheekbereidingen zijn medicijnen die de apotheek speciaal voor een patiënt maakt of laat maken en die soms nodig zijn wanneer een standaardmedicijn niet voldoet. Voor bereidingen gelden aparte regels voor vergoeding door de zorgverzekering, bijvoorbeeld dat deze bewezen werkzaam en effectief zijn. Sinds 2016 besluiten alle zorgverzekeraars gezamenlijk welke bereidingen zij vergoeden. Vóór 2016 kon de vergoeding per zorgverzekeraar verschillen. Om tot hun beslissing te komen, krijgen de verzekeraars informatie van apothekers, artsen en patiëntenorganisaties. Uiteindelijk is het echter aan de zorgverzekeraars om te besluiten of zij een bereiding vergoeden of niet.

Voor de vergoeding van bereidingen zijn er verschillende opties:

   - zorgverzekeraars vergoeden de bereiding;
   - zorgverzekeraars vergoeden de bereiding alleen onder bepaalde aanvullende voorwaarden;
   - zorgverzekeraars vergoeden de bereiding niet.

In dit laatste geval kan de arts eventueel nog een speciaal machtigingsformulier invullen. Op dit formulier geeft hij aan waarom u juist dit medicijn moet gebruiken. De zorgverzekeraar beoordeelt deze informatie en kan in uitzonderingsgevallen besluiten dat u de bereiding toch vergoed krijgt.

Wilt u weten of de vergoeding van uw bereiding volgend jaar verandert? Kijk dan in onderstaand overzicht. Hierin is te vinden van welke bereidingen de vergoeding per 1 januari 2017 zal wijzigen ten opzichte van 2016.

Overzicht wijzigingen vergoeding bereidingen 2017

Lees meer over de vergoeding van speciaal voor u gemaakte medicijnen

Bron Apotheek.nl

 

Melden van bijwerkingen van medicijnen: Bijwerkingenweek

Het melden van mogelijke bijwerkingen van medicijnen moet beter. Daarom doen het Bijwerkingencentrum Lareb en het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen (CBG) mee aan de Europese bijwerkingenweek. Deze start vandaag in 22 Europese landen en duurt tot en met 11 november 2016. De campagne bestaat uit animatiefilmpjes en korte infographics. Verspreiding gebeurt met #mijnbijwerking via Facebook en Twitter. Doel is dat medicijngebruikers mogelijke bijwerkingen vaker melden.

Voordat een medicijn wordt toegelaten beoordeelt het CBG of het werkt en veilig is. Als het medicijn eenmaal op de markt is dan blijven het CBG en Bijwerkingencentrum Lareb het medicijn samen goed in de gaten houden. Dit gebeurt door bijwerkingen steeds af te wegen tegen de bedoelde effecten. In Nederland kunt u bijwerkingen melden bij Bijwerkingencentrum Lareb. Die analyseert ze en stuurt de resultaten door naar het CBG.  Door uw melding komen we steeds meer te weten over medicijnen en helpt u ook andere mensen.

Bert Leufkens, voorzitter CBG: “Veel van de bijwerkingen zijn bekend, maar soms komen ook nieuwe bijwerkingen aan het licht. Of bijwerkingen komen vaker voor dan we eerst dachten. Melden zorgt voor meer kennis over bijwerkingen. Die kennis delen we met bijvoorbeeld artsen. Nieuwe bijwerkingen komen in de bijsluiter.”     

Agnes Kant, directeur Bijwerkingencentrum Lareb: “In elk ziekenhuis is er gemiddeld één opname per dag door bijwerkingen na medicijngebruik. Het is belangrijk dat we zo veel mogelijk weten over welke bijwerkingen een medicijn kan veroorzaken. En dat we uitzoeken waardoor die bijwerkingen ontstaan.”

Deze campagne is onderdeel van het Europese SCOPE project en heeft als doel patiënten en zorgverleners bewust te maken van het belang van melden van bijwerkingen. Er wordt ook een radiospot ingezet.

De link naar het youtube filmpje

Bron Lareb

Door onafhankelijk artsenbezoek beter en goedkoper voorschrijven geneesmiddelen

Huisartsen schrijven beter voor na een gesprek met een onafhankelijk artsenbezoeker. De gesprekken kunnen op de waardering van de huisartsen rekenen en leveren ook geld op. Zorgverzekeraar Zilveren Kruis gaat het onafhankelijk artsenbezoek aan meer huisartsen aanbieden.

Dat artsenbezoekers vanuit de farmaceutische industrie huisartsen aanzetten tot het voorschrijven van nieuwe geneesmiddelen, is algemeen bekend. Om te onderzoeken of deze strategie ook werkt om de zorg doelmatiger te maken stuurde het Instituut voor Verantwoord Medicijngebruik (IVM) in 2014 een team van eigen artsenbezoekers op pad. Deze apothekers en artsen met kennis van doelmatig voorschrijven koppelden spiegelinformatie over voorschrijfgedrag terug aan de huisarts. Samen met de huisarts stelde de artsenbezoeker een verbeterplan op. Zij bezochten in het werkgebied van Zilveren Kruis  huisartsen uit de groep van de 25 procent laagst scorende huisartsen op de indicatoren uit de Monitor Voorschrijfgedrag Huisartsen (MVH). De indicatoren vormen een betrouwbare graadmeter voor goed en doelmatig voorschrijven. Na drie maanden en vervolgens nogmaals  één jaar na het bezoek werden de 37 huisartspraktijken telefonisch benaderd om het bespreken van de resultaten van het bezoek en voor de evaluatie van de interventie.

De scores van de aan de pilot deelnemende artsen zijn een jaar na het bezoek vergeleken met een controlegroep: artsen die ook tot de groep van de 25 procent laagst scorende huisartsen behoorden, maar niet werden bezocht. De indicatorscores bij de bezochte huisartsen stegen meer dan de scores bij de controlegroep. Bezochte huisartsen schreven na het bezoek vaker meer doelmatige geneesmiddelen voor dan daarvoor. Zo kozen de bezochte huisartsen bij antidepressiva 19 procent vaker voor een doelmatig voorkeursmiddel. Bij de bloeddrukverlagende RAS-remmers kozen de bezochte huisartsen 14 procent vaker voor in de NHG-Standaarden aanbevolen middelen. Het tegengaan van resistentieontwikkeling bij antibiotica is een belangrijk thema. Het onafhankelijk artsenbezoek bracht het aandeel reserve-antibiotica terug van 18 naar 15 procent.

Het onderzoek laat zien dat het inzetten van onafhankelijke artsenbezoekers kosteneffectief is. Door het kiezen voor het meest doelmatige geneesmiddel dalen de geneesmiddeluitgaven bij gelijkblijvende of zelfs hogere kwaliteit. Onafhankelijk artsenbezoek kan afhankelijk van het inkoopmodel voor geneesmiddelen van de desbetreffende zorgverzekeraar, een besparing realiseren tot 3.000 euro per huisartspraktijk na aftrek van de kosten van het bezoek en correctie voor de controlegroep. Dit bedrag kan nog worden vergroot als per huisarts de nadruk wordt gelegd op die indicatoren waarop bij die huisarts nog veel verbetering mogelijk is.

Alle deelnemende huisartsen waren zonder uitzondering enthousiast en gemotiveerd om aan het onderzoek  mee te doen. Zij gingen graag in gesprek om hun (lage) scores beter te begrijpen. Door het zien van hun scores en de toelichting hierop lukte het hen ook beter hun voorschrijfgedrag aan te passen.

Het onderzoek werd mogelijk gemaakt door het innovatiefonds van Zilveren Kruis. De zorgverzekeraar is  van plan het onafhankelijk artsenbezoek in 2017 aan meer huisartsen aan te bieden.
Bronnen: Instituut voor Verantwoord Medicijngebruik (IVM)

Bron ZN